Aangezichtsletsel

Onder aangezichtsletsel verstaan we verwondingen van de huid of slijmvliezen, breuken van de botten van het aangezicht en/of tandletsel. Verkeersongevallen vormen de belangrijkste oorzaak van aangezichtsletsels. Op de tweede plaats staan geweldsdelicten. Daarnaast zijn bedrijfsongevallen en sport- en vrijetijdsongevallen een belangrijke oorzaak. De kaakchirurg kan verwondingen in het aangezicht behandelen.

Wat behandelt de kaakchirurg?

Alle botbreuken van het aangezicht, met uitzondering van de neus, behoren over het algemeen tot het werkterrein van de kaakchirurg. De kaakchirurg behandelt dus breuken van onder- en bovenkaak. Deze breuken noemt men ook wel een kaakfractuur. Maar ook breuken van het jukbeen, jukboog, de oogkas en schedel worden door de kaakchirurg behandeld. Bij vermoeden van een breuk zal de kaakchirurg een lichamelijk onderzoek uitvoeren. Vaak maakt hij hierbij röntgenfoto's of een scan.

De behandeling

De kaakchirurg kan aangezichtsletsel behandelen volgens twee methoden. Doel van beide behandelingen is dat uw bot weer in de juiste stand vastgroeit. Via welke methode de kaakchirurg u behandelt is afhankelijk van de plaats van de breuk en de mate waarin uw botdelen zijn verplaatst.

De eerste methode betreft een conservatieve behandeling met oefentherapie en/of gebitsspalken. De tweede methode is een operatieve behandeling waarbij de chirurg breukdelen aan elkaar bevestigt met kleine titanium plaatjes en schroefjes. Hiervoor is het vaak nodig de onder- en bovenkaak tijdelijk aan elkaar vast te maken met staaldraadjes. In de meeste gevallen knipt de kaakchirurg deze draadjes aan het einde van de operatie weer los. De operatie verloopt vaak volledig via de mond. Zo ontstaan er geen littekens aan de buitenkant van uw mond. Bij breuken van jukbeen, jukboog, oogkas of schedel is het vaak wel nodig om sneden in de huid te maken. Dit doet de kaakchirurg zo onopvallend mogelijk in de huidplooien. De kaakchirurg bespreekt dit uiteraard met u.

Na de behandeling

Bij een botbreuk is het belangrijk dat de botdelen onbelast weer kunnen vastgroeien. Hierdoor mag u de eerste vier tot zes weken niet echt kauwen. Uw eten moet dus vloeibaar tot zacht zijn. Na een operatieve behandeling ondervinden de meeste mensen nauwelijks pijn. Een beetje keelpijn komt wel voor. Na de operatie is het gezicht (soms erg) gezwollen. Meestal wordt deze zwelling na drie dagen minder. De duur van de opname bij deze behandeling varieert van één tot enkele dagen. Soms zitten er gedurende een aantal weken elastiekjes tussen uw boven- en onderkaak. U kunt zelf leren om ze in en uit te doen.

Meer informatie over een kaakfractuur

Heeft u na het lezen hiervan nog vragen over de behandeling van kaakfracturen? Dan kunt u contact opnemen met ons patiënt contact centrum via het telefoonnummer 088-1901901 (lokaaltarief) of mailadres info@zeelandcare.com.